|
De Geschiedenis
In den beginne...
We schrijven het jaartal 1998,
een week voor carnaval. In de late uurtjes van een weekend zitten
aan de bar in een nisserois etablissement vier mannen te praten.
Drie van hen zijn actief in de horeca in het betreffende
etablissement (waarvan ook een passief muzikant) en een van hen
is actief muzikant (en ook vaak actief aan beide kanten van de
bar, maar dat terzijde). Het onderwerp gaat over de aankomende
carnaval. Hoe het feest zal verlopen, wat er allemaal
georganiseerd wordt en vooral ook hoe het met de muziek moet.
Nistelrode is een dorp met vele muzikanten en vele groepen die
muziek spelen. Maar het mist iets. Ergens valt er een gat in de
muzikale omlijsting van het carnavalfeest. En dit gat moet
opgevuld worden. Door een groep mensen. Als het kan een groep
jonge mensen. Helemaal schitterend zou zijn, een groep jonge,
enthousiaste mensen, die houden van een feestje en het musiceren
zien als een roeping wat je doet voor je eigen plezier, maar
vooral ook voor het plezier van de luisteraars om zo het
enthousiasme wat in de muziek ligt over te brengen op de
luisteraars wat dan tot gevolg een sfeer brengt die door
iedereen, die aanwezig is benoemd zal worden tot een 'gezellige
bende' of ook wel een 'mooi feestje'. Op deze avond dus, vindt de
volgende dialoog plaats:
'Het is weer bijna carnaval. De blaaskapellen zijn weer druk aan
het voorbereiden.'
'Ja, ze hebben het er maar druk mee.'
'Over kapellen gesproken. Zou jij misschien niet een paar mensen
op kunnen trommelen om met carnaval wat gezelligheid te brengen.'
'Nou, dat is best wel te regelen. We maken er het beste van.'
Direct dacht hij aan een paar vrienden waarmee hij een jaar of
anderhalf ervoor had geprobeerd om er een blaaskapel mee op te
richtten. De ideeën en het enthousiasme waren toen heel groot.
Maar doordat er alleen gerepeteerd werd en er geen vinger naar
buiten werd gestoken om ook de rest van de bevolking blij te
maken met de muziek, verzaakte het geheel en de een na de ander
verliet om wat voor verschillende reden dan ook het repetitiehok
in de loop van de weken. Deze jeugd moeten toch wel trek hebben
in een herstart. Hopelijk zou hij beter verlopen, dan Fokker,
maar dat terzijde.
Iets minder dan een week voor carnaval. Er wordt bladmuziek uit
de kast gehaald, de instrumenten worden vaker dan een tot
tweemaal in de week gebruikt en dat alles om zes dagen later een
missie te volbrengen namelijk die van het volwaardig worden
aangesproken als 'blaaskapel'. Dit beestje moet natuurlijk een
naam krijgen. Na veel beraad en gebrainstorm komt daar dan
eindelijk een naam opdoemen, die de hele waarde dekt:
DE OPSTIJGERS : THE NEXT GENERATION
Die carnaval werd er een groep neergezet, die met vol
enthousiasme probeerde de sfeer in de residentie van
carnavalsstichting de Wevers zo vrolijk en feestelijk mogelijk te
maken en het lukte nog, ook. De carnaval was een groot succes!!
Iedereen was te spreken over 'de nog wel jonge maar zeer
talentvolle' blaaskapel. Ondanks de korte voorbereidingstijd ging
alles goed en met de grote medewerking van 'Peter van de Akker en
de zijnen' door ons ruimte en tijd te geven om te spelen en door
het snel in kunnen springen voor het copiëren van partijen en
ideeën werd het een vliegende start. Zelfs enkele leden van de
Dûrzakkers droegen een steentje bij om het geheel wat voller te
laten klinken. Hiervoor willen de Opstijgers deze mensen nogmaals
hartelijk bedanken voor hun hulp, want dit steuntje hadden we
hard nodig na de korte start de week ervoor. Niet alle leden van
de Dûrzakkers waren het eens met de doelstellingen van de
Opstijgers, maar het clubje heeft toch al een beetje bewezen dat
het geen windeieren legt.
In de weken erna werd er druk door gerepeteerd en er werd druk
vergaderd over hoe het nu allemaal een vervolg moest krijgen.
Regels werden opgesteld, afspraken voor repetities en optredens
werden gemaakt. Peter van de Brouwershoeve Wilde direct meehelpen
met ruimte en zo werd de vrijdagavond de vaste repetitiedag op
Raadhuisplein 9. Het repertoire werd uitgebreid en er kwamen meer
jonge muzikanten bij, er gingen een aantal weg, maar het
nettoresultaat was positief ten opzichte van voor de carnaval. De
club werd groter en 'professioneler', als je dat zo bij
blaaskapellen mag zeggen.
De Stichting Pinksterfestival zag ook wel iets in deze club jonge
mensen en in de muziek die gemaakt werd en zij vonden het een
goed idee om de Opstijgers financieel te steunen. Hiervoor moest
wat handwerk verricht worden door alle leden waar iedereen veel
plezier aan gehad heeft. De Stichting was zeer te spreken over
het werk wat er was geleverd door de mensen en de Opstijgers
waren zeer blij met de steun van de Stichting, want een goede
financiële bodem is onontbeerlijk voor een dure hobby als
muziek.
Vlak na de carnaval kwam c.c. Jeeminee vragen, of wij misschien
met hun naar het Halfvastenbal in Zeeland en naar de Caribische
optocht in Gemert wilden. Natuurlijk was er niemand die er
bezwaar tegen had, en zo werd een band geschapen, die later nog
veel gevolgen zou hebben. Deze uitstapjes verliepen overigens
naar volledige verwachting van alle deelnemers aan de optochten.
Er werden zelfs prijzen in de wacht gesleept met de
carnavalswagen van Jeeminee en de Opstijgers kregen veel goede
commentaren van de leden van Jeeminee.
De grote bekendmaking bij het nisserois volk wat niet van
carnaval hield, volgde bij de laatste aflevering van 'As
Brugman'. Een wereldberoemde talkshow over alledaagse dingen in
de nisseroise buurt. Bekend van radio en tv in regio Bernheze.
Speciaal voor dit optreden werd er een logo ontworpen, waar
bodywarmers van gedrukt werden. Daar werd de naam 'blaaskapel de
Opstijgers' omgedoopt in de misschien wel meer in de richting
komende 'funkapel de Opstijgers'. Iedereen was verbaasd over het
feit, dat er nog zo'n club bestaat in Nistelrode en snel kwamen
er meer verzoeken voor optredens voor Open Dagen en dergelijken.
De contacten met Jeeminee werden sterker en de leden van de
Opstijgers wilden ook allemaal lid worden van de carnavalsclub.
De groep werd hechter en het enthousiasme nam toe. In de tijd dat
er weinig optredens waren, werd er druk door gerepeteerd en in
dezelfde tijd werd er begonnen aan een carnavalswagen. Geheel in
het teken van de kapel werd het thema 'Carnaval klinkt ons als
muziek in de oren!!'. Jeeminee werd dus versterkt met twaalf
personen en de Opstijgers waren verzekerd van een aantal
optredens per jaar meer en al een vaste schare 'fans'.
Eind november volgde een verzoek van de Carnavalsstichting om mee
te gaan naar een uitwisseling in Volkel bij de Peelkonijnen.
Meestal ging kapel Nie Te Geleuve uit Heesch, waar de Opstijgers
ook zeer goede contacten mee heeft en waar al veelvuldig
bladmuziek en ervaring mee is uitgewisseld, maar zij waren
verhinderd voor die dag. Volgens verhalen moest dit één van de
mooiere uitwisselingen zijn. En het werd ook een mooi feest.
Helaas was bijna de gehele avond gevuld met protocol, waardoor er
in de zaal zelf niet echt geblazen kon worden, maar de gang naast
de zaal voldeed ook volledig aan onze lage eisen. Het werd daar
dus een mooi feest en de Stichting was ook zeer te spreken over
onze inzet bij het feest. Daarom volgde een uitnodiging voor de
uitwisseling op 16 januari.
Het bouwen van de carnavalswagen ging voort en er werd met man en
macht gewerkt om er een mooi geheel van te maken. Er werd veel
lol gemaakt, maar ook veel geplakt en gelijmd en gelast en
geschilderd.
Inmiddels was het 16 januari '99 geworden en vol goede moed en
veel zin ging de club op reis. Het ging hard heuvelafwaarts
richting Mariaheide. Daar aangekomen in het gat stond men stom
verbaasd, of eigenlijk had men het een beetje kunnen verwachtten,
voor een klein, maar dan ook echt, klein cafeetje. Het kon de
pret echter niet drukken. Binnen aangekomen, bleek er een groot
feest te zijn!! De avond werd goed gevuld met veel muziek en veel
gerstennat (nieuwe spelling). Het werd een enorm feest in zo'n
klein cafeetje. Mariaheide barstte bijna uit z'n voegen, maar de
schik was er!! Wat niet iedereen had ingezien, en waar er één
wel heel zeker van was, was dat deze avond nog een staartje zou
krijgen! Het was heel, heel, heel gezellig geweest, als je
begrijpt wat ik bedoel en José begrijpt het waarschijnlijk ook
wel. Dus de bij de tweede pronkzitting in het Weversrijk had de
club iemand van onder de heuvel erbij. Het was niemand minder en
niemand meer dan Dirk 'met de lange Jan, (en wat hij daar
allemaal mee kan???)' maar trompet spelen kon (en kan) hij zeker,
dus de Opstijgers werden versterkt met een nieuw lid.
Maar de club bleef bij de tijd!! Er werd druk voorbereid op de
komende carnaval!! Want daar moest het visitekaartje echt
afgeleverd worden. Wat zou het resultaat zijn van een jaar lang
repeteren en verder uitgroeien? Wat zouden de verwachtingen van
de kijkers en luisteraars zijn? Zou de club daar aan kunnen
voldoen? Allemaal vragen die iedereen bij de Opstijgers bezig
hield. Het repertoire werd doorgelicht op bruikbaarheid en
speelbaarheid en een selectie werd gemaakt voor de spannende vier
dagen. Oude krakers werden aangehouden en nieuwe stukken werden
aangescherpt om helemaal voorbereid te zijn.
Toen kwamen de dagen. Er werd sterk begonnen met de vrijdagavond,
waarbij de carnavalswagen werd ingevierd. Er werd nog overwogen,
of er een officiële zegening van de wagen erbij hoorde, maar de
aanwezigen vonden het zonde van het flesje bier wat er kapot
gegooid zou moeten worden. De zaterdagavond zou de start worden
wat muziek betreft. En het werd een start. Eén lid kon helaas
door omstandigheden niet aanwezig zijn, want deze had
belangrijkere taken als Nar van het Weversrijk te voldoen. Maar
ondanks dit gemis werd er volop geblazen en getrommeld en
gebekkend. Allen werden verrast door het toch aanwezig zijn van
hun 'verloren zoon' en het enthousiasme schoot het dak uit.
Zondag werd het na de optocht een feestje in weer de Residentie.
Helaas kon er met de optocht geen muziek gemaakt worden door de
Opstijgers als kapel. Er was wel gevraagd door verschillende
Wevers of er meer muziek in de optocht zou mogen, maar dit werd
helaas belemmert door afspraken met de fanfare. Misschien is het
een idee om de vijftig mensen, die muziek maken te verdelen in
groepen over de optocht en laat het jeugdorkest ook hun deuntje
meeblazen; eventueel op een kar. Maandag was het Jeeminee-dag en
werd het kindermatinee mee georganiseerd. Het was dus een drukke
dag zonder muziek. 's Avonds was het natuurlijk weer de tijd om
noten te blazen! Dinsdags was een rustige dag in Nistelrode voor
de Opstijgers. Want een nieuw lid krijgt men natuurlijk niet voor
niets! Dus als tegenprestatie voor het meedoen met de carnaval en
daarna werd Dirk bedankt door in Mariaheide de optocht te gaan
bekijken en door daar een nootje of twee, drie te gaan spelen.
Vrijdag werd de laatste dag van de zware dagen en deze afsluiting
werd gevierd bij de buurman van Peter, bij het Pumpke. Daar
zouden meerdere blaaskapellen aanwezig zijn, maar zij blonken uit
in afwezigheid. Hierdoor kwamen de Opstijgers dubbel zo goed uit
de verf en werden de laatste puffen eruit gestoten van de
carnaval.
Maar hiermee is het verhaal niet uit. Zoals blijkt, heeft deze
club nu een aardige wortel geschoten in het 'kapellen-bestaan' en
het opstijgen is gebeurt. Maar natuurlijk zal deze groep nog
verder doorstijgen om Nistelrode met nog meer muziek te vullen
als het dorpje al heeft. Want wie de jeugd heeft, heeft de
toekomst, wordt er altijd gezegd. En objectief beschouwd, er zit
vrij veel jeugd in de Opstijgers, niet dan?
Wordt vervolgd...
|
|